maandag 15 juli 2024

Klimaatslagers

We vlogen over de Noordzee. Dikke plukken wolken gaven doorkijkjes naar een blauwe hemel die niets anders was dan een weerspiegeling waarin schepen dreven. Die waren niet groter dan rijstkorrels en net zo wit. Nieuwe wolkenvelden onttrokken algauw de schepen aan het zicht en wat overbleef was de illusie van een strak blauwe, lege lucht. En toen zweefden er kruisjes in het ijle. Soldatenkruisjes zoals men in de Westhoek ziet, maar niet strak in het gelid. Ze leken met onzichtbare draden op verschillende hoogtes opgehangen als in een schilderij van Margritte. Ik moest een paar keer met mijn ogen knipperen voordat de betovering brak en ik de dingen weer zag zoals ze waren: geen kruisen maar windmolens, geen hemel maar zee. Van dichtbij zijn windmolens lelijk, maar die minuscule kruisjes in dat diepe blauw waren mooi. Ik dacht echter aan drieteenmeeuwen, jan-van-genten, kraanvogels, aan rotganzen en spreeuwen op vogeltrek, en in één moeite door ook aan tonnen en tonnen kleine insekten die tegen de wieken te pletter slaan als vliegen tegen een autoruit op een zomerse dag. Ja, het zijn net kruisjes, die gehaktmolens van de klimaatslagers. Een oorlogskerkhof van gesneuvelden voor de goede zaak.