gewestelijk (bn.), 1 van, betrekking hebbend op een gewest, een provinice, syn. regionaal: het gewestelijk bestuur; gewestelijk arbeidsbureau (...)
2(van woorden, uitdrukkingen enz.) slechts in een bepaalde streek gebruikelijk, niet in de algemene taal gangbaar, syn. dialectisch.
'Je moet spitten op de plaats waar je staat'.
Niet de dikke Van Dale zei iets dergelijks, maar die andere, de schrijver met de gewestelijke 'e' achter de 'a'. Ter plekke trappelen of dieper graven. Het is maar hoe je het bekijkt.
gewest (o.; -en) [van Mnl.wesen (zijn, vertoeven, wonen)], 1 landstreek, oord (...)
Het etymologisch woordenboek is minder stellig dan de schoolmeester uit Sluis.
gewest zn. 'landstreek'
(...)
Etymologie onzeker. Het woord wordt in het Middelnederlands niet gevonden en komt ook in de andere Germaanse talen niet voor. De vorm en de betekenis zijn vergelijkbaar met die van GEHUCHT en gebuurte (zie BUURT) in de Middelnederlandse betekenis 'streek' en het woord lijkt dus gevormd te zijn als collectief met GE-TE, hoewel dit in het Vroegnieuwnederlands al geen productief proces meer is. Over het grondwoord kan men slechts gissen; op grond van de ouderdom en de vorm denkt men wel aan WEST (FvW). Semantisch waarschijnlijker is verband met dezelfde wordtel als in WEZEN, dat in het verleden ook 'wonen' betekende.
Als gewest een afleiding is van wezen 'zijn, wonen', zijn verwant, zonder ge-: ohd. wist 'woonplaats, woning'; oe. wist 'hoeveelheid land'; on. vist 'het zich bevinden op een plaats' (nzw. hemvist 'verblijfplaats'); got. wists 'wezen, natuur'; < pgm. *wes-ti-.
Het zal wel wezen dat gewest iets met zijn te maken heeft, want heeft de plaats waar we wonen geen invloed op wat we denken, voelen en doen? Dat geldt des te meer voor de plek waar we kind zijn geweest. Daar liggen de herinneringen amper één spadesteek diep, herinneringen zoveel sterker en aangrijpender dan welke herinneringen van op latere leeftijd ook. Ze zeggen dat dit komt doordat je als kind alles voor de eerste keer meemaakt: de eerste keer een hevige onweersbui in de zomer, de eerste sneeuw, de geur van nat gras na regen, het heldere licht van september op een bakstenen muur, de hitte van de laatste schooldag, het gesnerp van de bel.
Toch bekoort mij ook de gedachte dat 'gewest' iets met 'west' te maken heeft, want daar is waar ik woon.
west bw. en zn. 'in de richting waar de zon ondergaat, het westen'
(...)
Wrsch. verwant met: Latijn vesper 'avond' (zie ook VESPERS); Grieks hésperos 'id.'; Oudkerkslavisch u- 'vanaf, omlaag'. Dan zou de betekenis ontstaan zijn als 'richting waar de zon omlaag gaat', vergelijk Latijn occidens 'westen' bij occidere 'neergaan' en zie OOST.
's Avonds zie ik de zon ondergaan - ruggelings ondergaan, het denkbeeldige gezicht naar het restje van de dag gekeerd - terwijl ik achter mijn raam spit, zaai en schoffel op mijn plek, waar in de gewestelijke taal zien samenvalt met zijn en elk gezicht een wezen is.
ghe-weste 'landstreek, hemelstreek'
Mooi!
BeantwoordenVerwijderenApart ook.
BeantwoordenVerwijderenMaar een baby krijgen, dat doe je toch pas voor de eerste keer als je wat ouder bent?
(Komt als eerste in me op)
Daarom, Cléo, is het een van de sterkste herinneringen in een vrouwenleven. Vooral dan dat eerste kind!
BeantwoordenVerwijderen